Van aansluitvermogen tot load balancing
Laadinfrastructuur begint niet bij de laadpaal maar bij je bord. We vertrekken van je beschikbare aansluitvermogen en je kwartierdata: wat is er vandaag vrij, op welke uren, en wat blijft er over wanneer je productie draait.
Daarna verdelen we dat vermogen. Statische load balancing geeft elk laadpunt een vast plafond. Dynamische load balancing meet je totale afname continu en geeft de laders wat het gebouw op dat moment niet nodig heeft.
Zo laadt je vloot ’s nachts op vermogen dat overdag naar je machines gaat.
Bovenop die verdeling komt de sturing: laadsessies verschuiven naar daluren, voorrang geven aan de bestelwagen die om 6 uur weg moet, en de batterij laten bijspringen wanneer een snellader anders je kwartierpiek zou optrekken.
Snelladers op je parking, zonder dat je investeert
Heb je een supermarkt of retailcenter met een grote parking? Dan plaatsen en exploiteren wij daar snelladers, via ons laadmerk Boostcharge. Wij financieren de laders én de netaansluiting en beheren ze; jij ontvangt een vaste huur per laadplaats, jaar na jaar.
Bestuurders die laden, winkelen intussen bij jou. Snelladers trekken nieuwe bezoekers en verlengen hun verblijf.
Grote parkings moeten bovendien laadpunten voorzien. Met deze formule voldoe je aan die verplichting zonder eigen investering. Zo staat het laadplein aan de Planet Group Arena in Gent: DC-snelladers tot 400 kW, gefinancierd en uitgebaat door ons.
De cijfers achter je laadplan
Publieke cijfers, en wat ze betekenen voor de planning van je eigen laadinfrastructuur.
Meer over laadinfrastructuur
Oplossingen
Per toepassing
Uit de kennisbank
Combineren met
Veelgestelde vragen
Staat je vraag er niet bij? Stel ze ons rechtstreeks.
Is laadinfrastructuur op mijn site iets voor mijn bedrijf?
Meestal wel zodra je minstens twee van deze punten herkent:
- vijf of meer bedrijfs- of bestelwagens die op de site kunnen overnachten;
- je vernieuwt de komende drie jaar je vloot, en de nieuwe wagens zijn elektrisch;
- een personeelsparking waar wagens meerdere uren stilstaan;
- je overweegt elektrische vrachtwagens, of je klanten vragen ernaar;
- je hebt al zonnepanelen en injecteert je middagoverschot;
- je aansluiting zit op drukke momenten dicht bij haar plafond.
Komt mijn laadpiek bovenop mijn kwartierpiek?
Ja, en dat is het echte risico: laadsessies starten vaak wanneer je proces al draait, en allemaal tegelijk. Een ploegwissel waarbij vijf wagens aan de lader gaan, kan je maandpiek voor twaalf maanden vastzetten.
Twee ingrepen vangen dat op. Dynamische load balancing knijpt de laders af zodra je totale afname bij je drempel komt: je laadpunten krijgen wat je gebouw op dat moment niet gebruikt. Zit je laadvraag structureel boven wat je aansluiting overlaat, dan schuift een industriële batterij ertussen: die laadt op de dalmomenten en levert tijdens de laadpiek.
Wat blijft er in 2026 fiscaal over voor laadpalen?
De verhoogde kostenaftrek van 150 en 200% is gestopt voor investeringen na 31 augustus 2024. Wat overblijft is gewone afschrijving. Laadinfrastructuur staat ook op de lijst voor de thematische investeringsaftrek, maar VEKA levert daarvoor voorlopig geen attesten af.
Voor publiek toegankelijke laadinfrastructuur voor zero-emissievrachtwagens loopt daarnaast een apart spoor van 18,5%.
In Vlaanderen kan de Ecologiepremie+ tot 30% van de investering dekken voor bus- en truckladen. En sinds 2026 zijn enkel nog elektrische bedrijfswagens fiscaal aftrekbaar, waardoor de laadvraag op je eigen site structureel wordt.
Of het 18,5%-spoor op jouw dossier van toepassing is, hangt af van de publieke toegankelijkheid van je laadpunten. Dat toetsen we samen met je boekhouder aan je concrete opstelling.
Hoeveel laadvermogen heb ik nodig per truck of per depot?
Dat volgt uit drie gegevens: de batterijcapaciteit van de voertuigen, het aantal uren dat ze effectief stilstaan, en hoeveel voertuigen in datzelfde venster moeten laden.
Een truck die ’s nachts negen uur op de site staat, heeft veel minder vermogen nodig dan dezelfde truck die tussen twee ritten in een uur moet bijladen.
We rekenen dus niet met een vuistregel per voertuig, maar met je rittenschema naast je kwartierdata.
Een richtwaarde per voertuigtype zegt weinig los van je laadvenster: dezelfde truck vraagt in een nachtvenster een fractie van het vermogen dat hij in een tussenstop nodig heeft.
Moet mijn netaansluiting verzwaard worden?
Vaak niet. We kijken eerst wat je aansluiting op de laaduren nog overlaat. Met dynamische load balancing benut je die vrije ruimte volledig zonder ooit boven je drempel te gaan.
Blijft er te weinig over, dan is een batterij meestal sneller dan een netverzwaring: je hoeft niet te wachten op een studie en op werken van de netbeheerder, en je piek aan de netzijde blijft vlak.
Een verzwaring blijft wel de juiste keuze wanneer je gemiddelde verbruik structureel stijgt en niet alleen je pieken.
Hoe betalen we het thuisladen van personeel terug?
Technisch los je dat op met een laadpaal die per sessie meet en het verbruik van de bedrijfswagen apart doorgeeft. Op basis van die meetgegevens betaal je terug wat er effectief in de wagen ging, los van het gezinsverbruik.
De praktijk staat of valt met je car policy: welk tarief per kWh je hanteert, hoe je dat tarief opvolgt, en wie eigenaar blijft van de laadpaal wanneer iemand uit dienst gaat.
Welk tarief per kWh je mag terugbetalen en hoe dat fiscaal behandeld wordt, hangt aan je car policy en niet aan de laadpaal. Laat het vastleggen door je sociaal secretariaat.